Terug naar overzicht

Hoe help je jongeren Jezus te leren kennen?

Ik zit met mijn nieuwe jeugdleidersteam in de gezellige huiskamer van Marjoleijn. We bereiden ons voor om een paar jaar met veertig tieners op te trekken. Ik vraag: ‘Hoe was jij als tiener? En hoe heb je in die tijd Jezus leren kennen?’ Langzaam komen de verhalen los. De één was verlegen en kwam al jong tot geloof, de ander interesseerde het als tiener allemaal niks. Zoveel teamleden, zoveel verhalen… In de jaren daarna denk ik daar regelmatig aan terug. Ze blijken namelijk invloed te hebben op hoe we onze rol als jeugdleider invullen en wat we verwachten van de tieners, het programma en elkaar.

5 min 19-10-2026

Voor mijn onderzoek hoorde ik verhalen van dertig jeugdleiders over hoe zij zelf tot geloof zijn gekomen, over wie Jezus voor hen is en wat dit betekent voor hoe zij jeugdwerk doen. Ik ben geboeid en verwonderd door de enorme rijkdom in al die verhalen. We kunnen daar veel van leren over hoe jongeren tot bekering komen en wat wij als jeugdleiders daaraan kunnen bijdragen.

In dit artikel neem ik je mee in een paar van die lessen. In het kader lees je meer over het onderzoek.

1. Bouw persoonlijke relaties op met de jongeren

Hoe, wanneer en waarom je tot geloof komt, heeft veel te maken met je persoonlijkheid: de één is een gevoelsmens, de ander rationeel. Bij de één verloopt het leven gladjes, de ander worstelt met zichzelf of komt al jong in aanraking met ziekte of dood.

Wat betekent dat voor jeugdleiders? In de eerste plaats is het goed een team te hebben met verschillende persoonlijkheden. In zo’n veelkleurig team ontdekken jongeren dat geloven op veel verschillende manieren kan. De jeugdleiders kunnen relaties opbouwen met jongeren in wie ze iets van zichzelf herkennen en met wie er dus ook goede kans op een wederzijdse klik is. Ze kunnen een identificatiefiguur zijn voor die jongeren.

In de tweede plaats is het belangrijk aan te sluiten bij wat de jongere in haar leven meemaakt, zeker als er sprake is van lastige situaties die vragen oproepen. Dat begint met aandacht voor wie de jongere is en wat haar bezighoudt. Van daaruit kun je een persoonlijker contact opbouwen – niet alleen tijdens de activiteiten, maar ook in de momenten ervóór en erna én op andere momenten, zoals een sportwedstrijd van de jongere en via online kanalen. Daarin laat je de liefde van Jezus aan hen zien. Om dit haalbaar te maken, verdelen de jeugdleiders de jongeren onderling, zodat iedereen ‘mentor’ is van een klein groepje jongeren.

2. Vertel over je eigen ervaringen met Jezus

Wie is Jezus voor jou? Hoe is dat in de loop van je leven veranderd? En wat betekent dit voor je dagelijks leven, voor wie je bent en hoe je leeft? En word je daar gelukkig van?

Dit zijn vragen waar jongeren graag iets over willen horen. Ze spelen een belangrijke rol bij de beslissing of ze zelf ook met Jezus willen leven. Horen ze daar ook over in jullie jeugdwerk, op de catechese, de club en in de kerkdienst? Horen ze concrete verhalen uit het leven van hun jeugdleiders en predikant, of blijft het bij abstracte geloofsbegrippen? Of vinden jullie het zó vanzelfsprekend dat het over Jezus gaat, dat je vergeet het ook concreet over Hem te hebben?

De jeugdleiders die we spraken, vonden het soms best lastig om deze vragen te beantwoorden. Natuurlijk is geloof belangrijk voor je, maar wat betekent dat nu concreet? Sommigen vonden het erg persoonlijk om over Jezus te spreken, dat waren ze niet zo gewend. We vroegen open en nieuwsgierig door naar concrete verhalen en dat leverde veel moois op.

De jeugdleiders kwamen tot de conclusie dat ze vaker hun eigen geloofsverhaal met jongeren willen delen. Dat kan het verhaal van hun eigen bekering zijn, maar ook ‘kleine’ verhalen over hoe het geloof een rol speelt in hun leven van alledag. Of hun eigen ervaring rond thema’s als ‘vergeving’, ‘waar is God als het moeilijk is’, ‘hoe kijk je naar jezelf’ etc. Het kunnen ‘mooie’ verhalen zijn, maar ook verhalen vol vragen, worsteling en kwetsbaarheid, waarin jongeren zichzelf kunnen herkennen. Voor jongeren maken deze verhalen het evangelie concreet.

Het helpt jeugdleiders hun verhalen eerst met elkaar te delen en elkaar daarop te bevragen. Zo ontdekken ze wat ze met de jongeren willen delen. Open en kwetsbaar zijn in het delen van je eigen verhaal kan spannend zijn, maar het helpt jongeren om op hun beurt óók open te zijn, waardoor je mooie ontmoetingen krijgt. Juist het delen van vragen en twijfels is in deze leeftijdsfase ontzettend belangrijk.

3. Breng de Bijbel dichtbij

Een aantal jeugdleiders vertelde dat ze in de kerk een streng, zelfs beangstigend beeld van God hadden gekregen. Anderen hadden een vaag beeld van God. Dit veranderde toen ze zelf in de Bijbel gingen lezen.

Als jeugdleider trek je hooguit een aantal jaren met jongeren op, de Bijbel hebben ze hun hele leven en God spreekt door Zijn Woord. Daarom is het belangrijk dat jongeren ontdekken dát en hoe ze zelf de Bijbel kunnen lezen. Creatieve werkvormen en aandacht voor zeer uiteenlopende personen in de Bijbel – mét hun fouten – helpen daarbij.

4. Blijf voor jongeren bidden

Wij kunnen eraan bijdrage dat jongeren Jezus leren kennen en Hem willen volgen, maar het is God die in hun hart werkt. Wij hebben een bepaalde periode contact met hen, God volgt hen hun leven lang. Dat geeft ontspanning, maar ook het bewustzijn dat ons gebed net zo belangrijk is als ons werk. Als je persoonlijk contact hebt met een klein groepje jongeren, kun je voor hen bidden en dat blijven doen door de jaren heen

Geschreven door: Sabine van der Heijden

Onderzoek ‘heilzame relevantie’

Sabine van der Heijden deed vanuit het lectoraat ‘heil zien in missionaire initiatieven’ van de CHE-Theologie opleiding onderzoek onder jeugdleiders. De hoofdvraag was: Wat ontdekken jeugdleiders als ze met elkaar in gesprek gaan over de heilzame relevantie van Jezus voor hun eigen leven en over wat deze betekent voor hoe zij hun jeugdwerk vormgeven?

 

Het onderzoek werd uitgevoerd in samenwerking met vijf jeugdwerkorganisaties (HGJB, Jong Protestant, CGJO, Navigators-LEF en Youth for Christ). Deze organisaties voerden een serie van drie gesprekken met groepjes van drie jeugdleiders. Het eerste gesprek ging over wie Jezus voor hen is en hoe Hij heilzaam voor hen is. Het tweede over wat jongeren willen laten ontdekken over Jezus en hoe zij hen daarbij helpen. Het derde gesprek ging over wat ze daaruit leren over hoe we jongeren beter kunnen bereiken.