De zoektocht van Gen Z
Er is veel gaande onder de huidige generatie jongeren. Op 5 juni organiseert de CHE een symposium over de vragen rondom Gen Z, geloof en de kerk. Ook de HGJB zal hieraan medewerking verlenen. Jan Martijn Abrahamse, lector theologie aan de CHE, probeert de ontwikkelingen rondom Gen Z en de kerk te duiden.
Het kan je nauwelijks zijn ontgaan: er broeit iets onder jongeren, in het bijzonder onder wat vaak Generatie Z wordt genoemd, jongeren van ongeveer 14 tot 28 jaar. Steeds vaker duiken signalen op van een groeiende interesse in geloof, en sommigen vinden zelfs opnieuw aansluiting bij religieuze tradities.
Het is dezelfde generatie die door klinisch psycholoog Jonathan Haidt wordt aangeduid als het ‘hardst getroffen’ door de negatieve invloed van smartphone en sociale media, en die tijdens de coronacrisis juist in haar psychische ontwikkeling diepgaand is verstoord. Eenzaamheid, stress en zinloosheid zijn voor velen geen uitzonderingen maar dagelijkse realiteit.
Veel wijst erop dat Gen Z anders in de wereld staat dan de millennials die hen voorgingen. Zij lijken sterker doordrongen van de grenzen van maakbaarheid en nemen meer afstand van een progressief wereldbeeld waarin vooruitgang vooral wordt gezocht in samenwerking, technologische innovatie en maximale individuele vrijheid. Voor veel jongeren is het leven minder vanzelfsprekend maakbaar geworden, en precies dat vormt het kader waarbinnen zij zoeken naar betekenis, richting en houvast.
The Quiet Revival
Voordat we verder gaan, is het nodig kort stil te staan bij het Britse rapport The Quiet Revival, dat recent door de British Bible Society is teruggetrokken vanwege onbetrouwbare cijfers. Dat is betreurenswaardig, temeer omdat het rapport breed werd besproken en geciteerd. De uitkomsten weken bovendien sterk af van bredere Europese ontwikkelingen: het rapport suggereerde een forse toename in kerkgang onder Gen Z, een trend die elders vooralsnog niet wordt bevestigd. De optimistische titel leidde op sommige platforms tot een bijna jubelende ontvangst. Juist daarom is de terugtrekking relevant: zij raakt aan de centrale vraag hoe we de nieuwe belangstelling van Gen Z voor het christelijk geloof moeten duiden.
De vaagheid van de huidige ontwikkelingen maakt termen als “opwekking” of “herleving” voorlopig te zwaar. Ze lopen het risico dat onze gevoeligheid voor hypes de interpretatie van data gaat overheersen. Bovendien strekt de groeiende interesse in religie zich breder uit dan het christelijk geloof: ook islam, new agepraktijken en andere vormen van spiritualiteit trekken aandacht. En zelfs waar interesse zichtbaar is, betekent dit niet dat de meerderheid van Gen Z religie actief beleeft. Laat staan dat kerken plotseling vollopen, zeker nu nog steeds veel jongeren die binnen de kerk opgroeien relatief gemakkelijk de weg naar de uitgang vinden.
God in Nederland
Een veel genuanceerder beeld komt naar voren in het Nederlandse rapport God in Nederland. Ook daar wordt onder Gen Z een verschuiving waargenomen, maar deze vertaalt zich niet direct in vollere kerkbanken. De beweging is reëel, maar subtieler en complexer dan sommige eerste interpretaties suggereerden. Daarom spreek ik liever van wat Jonathan Edwards een ‘hernieuwde ernst’ (a more general seriousness) noemt: de taal en wereld van religie wordt door Gen Z niet langer als absurd of irrelevant ervaren, maar opnieuw als een serieuze levensoptie. De thema’s waar religie over spreekt en waarvoor zij praktijken aanreikt – zin, houvast, hoop en betekenis, die concreet gestalte krijgen in bijbellezen, bidden, zingen en stilzijn – sluiten nauw aan bij wat deze generatie bezighoudt.
Waar filosoof Charles Taylor in A Secular Age secularisatie typeerde als de overgang van geloof als vanzelfsprekendheid naar één optie onder velen, lijkt Gen Z eerder een omgekeerde beweging te maken: van een enigszins achterhaalde keuze naar een opnieuw betekenisvolle mogelijkheid.
Yolocultuur
Maar ‘ernst’ drukt voor mij nog iets anders uit: jongeren lijken ernstiger in het leven te staan. De meer onbezorgde, levensgenietende houding waarin het leven voelt als één groot feest en avontuur – wat ik voor het gemak de yolocultuur noem – maakt steeds vaker plaats voor een somberder, pessimistischer kijk op het leven. Kijk en luister maar eens naar Groter dan ik van singersongwriter Froukje, waarin ze een brandende wereld bezingt die haar ‘te groot’ wordt, en waarin ze het verlangen uitspreekt naar een toekomst en een verhaal dat haar helpt die wereld te dragen en opnieuw hoop te vinden.
De eindigheid van het leven, merkbaar in klimaatcrisis, oorlog, pandemie, dringt zich sterker op. Het leven valt jongeren zwaarder, wat ook zichtbaar is in de cijfers rond mentaal welzijn: stress, burn-outklachten en diverse angsten nemen toe. De ‘dode plek’ van hun bestaan – het punt waarop zij ontdekken dat zij redding nodig hebben – ligt volgens mij in het intense betekenisverlies van onze tijd: het idee dat de waarde van je leven volledig samenvalt met je eigen prestatie en vermogen er zin aan te geven. Gen Z merkt al op jonge leeftijd dat deze molensteen te zwaar is.
Bescheidenheid
In die zoektocht naar betekenis duiken steeds vaker verhalen op van jongeren die zomaar, soms onverwacht, de kerk binnenlopen. Misschien herken je dat uit je eigen praktijk. De vraag die zich dan aandient, is hoe wij deze generatie een werkelijk thuis kunnen bieden. Zijn we bereid open te staan voor een generatie die op veel punten anders denkt, voelt en leeft dan wijzelf?
Steeds duidelijker wordt dat veel jongeren verlangen naar een sterke identiteit die houvast en inbedding biedt in een steeds roeriger tijd, en die opnieuw betekenis en ritme geeft aan het dagelijks leven. In dat bredere verlangen ligt wellicht de sleutel tot het verstaan van wat er onder Gen Z gebeurt. Dit vraagt om bescheidenheid, juist op de plekken waar zulke bewegingen zichtbaar worden. Niet alleen omdat dit elders niet of nog niet gebeurt, maar vooral omdat deze beweging van de Geest ons eerder verrast dan dat zij voortkomt uit onze eigen missionaire geestdrift. Het vraagt om een houding die misschien wel het meest wezenlijk is: onze oren spitsen voor wat er gaande is. Wie oren heeft, moet horen wat de Geest tot de gemeenten zegt.
Geschreven door: Jan Martijn Abrahamse
5 juni 2026 organiseert de CHE het symposium ‘Niet gehinderd door enige kennis? Gen Z inwijden in de kerk’. Het symposium is voor iedereen die wil ontdekken hoe we Gen Z kunnen ondersteunen in het volgen van Jezus én wat we daarin zelf van Gen Z kunnen leren. Meer informatie en aanmelden via che.nl.