Jongere zijn in 2026
Je zult ongetwijfeld wel eens gelezen hebben over mentale problemen onder jongeren: stress, prestatiedruk, onzekerheid, angst. Soms is de toon alarmerend: we moeten iets doen! Andere keren is de toon sceptischer: ‘de jongere van vandaag kan nergens meer tegen’, lees je dan. Misschien herken je beide reacties wel als jeugdleider. Je maakt je soms zorgen, vraagt je af wat er aan de hand is, en op andere momenten denk je: hebben jongeren het nu echt zo veel moeilijker dan vroeger?
In veel opzichten is ‘jongere zijn in 2026’ vergelijkbaar met jongere zijn in 2006, 1986, etc. Het is heel leuk, en soms ook heel ingewikkeld. Als jongere ga je de wereld en jezelf ontdekken. Er is veel vrijheid, allerlei mogelijkheden liggen nog open en je hebt iets minder verantwoordelijkheden.
Dat is natuurlijk geweldig, maar soms ook lastig: je moet grote keuzes maken, terwijl je nog niet zo goed weet wie je bent en wat je nu precies wil. Hoe weet je of je de goede keuze maakt? En onzeker ben je toch al: over wat anderen van je vinden, hoe je in de groep ligt, of je het wel goed doet. Dat was twintig of veertig jaar geleden zo, en dat is nu nog steeds zo.
Toch is er ook veel veranderd. De levensfase mag dan hetzelfde zijn, maar de omstandigheden zijn niét hetzelfde. In dit artikel gaan we wat beter kijken naar die omstandigheden, met als hoofdthema ‘versnelling’. We denken ook na over wat je daar dan mee moet als jeugdleider, aan de hand van een drieslag: ‘rust, richting en ontmoeting’.
Wat is er aan de hand?
Maar eerst eens even nog wat dieper de leefwereld van jongeren induiken. Disclaimer: daar is heel veel over te zeggen, en natuurlijk is iedere jongere anders. Ik beperk me hier daarom tot twee trends, die niet alleen veel zeggen over de wereld waarin jongeren opgroeien, maar die ook met elkaar te maken hebben.
Mentaal welzijn
Aan het begin van dit artikel noemde ik het al: het mentale welzijn van jongeren staat onder druk. Dat wil niet zeggen dat jongeren massaal ongelukkig zijn. Met heel veel jongeren gaat het gelukkig heel goed. Toch zijn er zorgwekkende signalen. Ik zet even een paar signalen onder elkaar:
- Er is een daling van de levenstevredenheid (een cijfer 7 of hoger) onder jongvolwassenen (16-25 jaar): in 2013 was 86,2% tevreden met zijn/haar leven, in 2023 was dit gedaald tot 75,8%.1
- Bij jongeren in het voortgezet onderwijs is er een stijging van mentale problemen zichtbaar (bij meisjes nog meer dan bij jongens) en een stijging in de ervaren druk door schoolwerk.2
- In het hoger onderwijs heeft 50% van de studenten last van angst- en somberheidsklachten, 70% van een hoge prestatiedruk en 40% ervaart eenzaamheid.3
Dezelfde trends zien we niet alleen onder jongere, maar ook in de hele maatschappij. Een kanttekening hierbij is dat deze cijfers vertekend kunnen zijn. De huidige generatie jongeren is beter in staat om problemen onder woorden te brengen dan jongeren vroeger, en zullen hun klachten ook eerder labelen dankzij de toegenomen bewustwording van mentale problematiek.4
Dat neemt niet weg dat er redenen zijn om ons zorgen te maken over het mentaal welzijn van jongeren. Opgroeien is ingewikkeld, vroeger en nu, en de omstandigheden waarin je opgroeit, hebben daar invloed op. Dat zijn niet alleen individuele omstandigheden (gezin, school, etc.), maar ook maatschappelijke omstandigheden. Daarover straks meer.
Belangstelling/openheid voor God, geloof en kerk
Een tweede opvallende trend is dat de interesse in God, geloof en kerk lijkt toe te nemen onder de jongere generaties: met name onder Gen Z (geboren tussen 1997 en 2012). Uit het onderzoek ‘God in Nederland’, dat vorig jaar verscheen, blijkt dat Gen Z de eerste generatie in tijden is die geloviger lijkt te zijn dan de generatie boven hen.5 De neergaande trend, die al decennia gaande is, wordt daarmee voorzichtig gebroken. Eenzelfde beeld zien we in andere landen. Dit zijn voorzichtige cijfers en signalen, maar toch er lijkt iets gaande te zijn.
Jongeren komen tegenwoordig (juist) ook via de minder traditionele wegen bij geloof en kerk uit. Sociale media spelen hierin een belangrijke rol: denk aan filmpjes op TikTok waarin influencers met miljoenen volgers vertellen over hun bekering en geloof.
Het is ook opvallend dat jongeren niet per se uitkomen bij ‘hippe’, eigentijdse kerken. Soms zijn juist kerken met een traditionele liturgie aantrekkelijk, zoals de rooms-katholieke of de oosters-orthodoxe kerk. Een ‘stevige’ traditie biedt houvast in een onzekere wereld. De rijke liturgie biedt ervaringen en rituelen waar jongeren zo naar op zoek zijn. Zij willen niet zozeer (of niet alleen) via hun ‘hoofd’ worden bereikt, maar via al hun zintuigen.
Een versnellende samenleving
Het zal waarschijnlijk geen verrassing zijn als ik zeg dat de samenleving steeds sneller gaat. En ook niet dat dit problemen oplevert. Je merkt het misschien zelf: je agenda loopt vol en je hebt het gevoel dat je to-dolijstje alleen maar langer wordt. Oók in het werk in de kerk. Of je hoort van vrienden of collega’s die burn-out zijn, die het tempo niet meer bijhouden.
Dit is niet alleen maar een gevoel: onderzoek wijst uit dat dit inderdaad het geval is. De Raad voor Volksgezondheid en Samenleving spreekt in een recent uitgekomen rapport over de ‘hypernerveuze samenleving’: een samenleving waarin mensen veel druk en stress ervaren. De Raad pleit voor een maatschappijbrede aanpak van dit probleem. Dus niet alleen individueel aan de slag met onze ‘life rules’ (populair onder jongeren!), maar met elkaar op zoek naar een andere manier van leven.
Dé autoriteit op het gebied van maatschappelijke versnelling is de Duitse socioloog Hartmut Rosa.6 Hij analyseert dit fenomeen in talloze boeken en artikelen. Ook hier is heel veel over te zeggen, maar ik zal me hier beperken tot een paar hoofdlijnen.
Vormen van versnelling
Rosa onderscheidt drie vormen van versnelling. In de eerste plaats ‘technische versnelling’: de ontwikkeling van de technologie, waardoor alles steeds sneller gaat. Denk aan transport (auto, vliegtuig, etc.) en communicatie (email, appjes, etc.).
De tweede vorm is ‘maatschappelijke versnelling’. Daarmee doelt Rosa op het feit dat maatschappelijke ontwikkelingen steeds sneller gaan. Dit merk je ook in het jeugdwerk: soms lijkt er al een generatiekloof te zijn als je tien jaar ouder bent. De tieners van nu groeien in een andere wereld op dan jij, spreken soms letterlijk een andere taal en leven in een andere wereld, met influencers waar jij nog nooit van gehoord hebt.
De derde vorm van versnelling is de ‘versnelling van het levenstempo’. Dit gaat over de drukte die we ervaren. We willen allemaal meer doen in minder tijd. Waar je vroeger hooguit een paar brieven per dag verstuurde, zijn het nu tientallen mailtjes. Al die ‘tijdbesparende’ technologie kost alleen maar tijd!
Oorzaken van versnelling
Waarom gaan we eigenlijk steeds sneller met elkaar? We lijken er namelijk niet echt gelukkiger van te worden.
Een eerste oorzaak daarvan is dat onze samenleving gebaseerd is op concurrentie. Je moet het beter doen dan een ander om verder te komen. Ook jongeren ervaren dit: alleen een diploma is al niet meer genoeg. Om op te vallen moet je ook allerlei interessante dingen naast je studie gedaan hebben. Of meer likes hebben dan de ander. Stilstand is achteruitgang, want dan gaan andere je voorbij. Het gevolg is dat we met elkaar steeds harder gaan rennen om maar bij te blijven.
Een tweede oorzaak is dat we steeds meer gericht zijn op het ‘hier en nu’. We willen alles uit dit leven halen, maar er zijn oneindig veel mogelijkheden, veel meer dan vroeger! En dus ervaren we een voortdurende FOMO (fear of missing out). De oplossing? Sneller gaan leven, zo veel mogelijk doen in zo min mogelijk tijd.
Problemen van versnelling
De versnelling van onze maatschappij en van ons leven is niet zonder problemen. Zeker jongeren ervaren de schaduwkanten van deze ontwikkeling. Zij ervaren gebreken in hun leven. Ik noem er hier drie:
- Een gebrek aan rust. Ik zei het hierboven al: als je niet meegaat in het snellere tempo, raak je achterop. Eigenlijk heb je dus geen keus. Jongeren ervaren dit zeker. Zij voelen de druk iets van hun leven te moeten maken. Daarvoor moeten ze opboksen tegen alle andere jongeren die dat óók willen. Dat geeft een enorme druk: je bent voortdurend aan het rennen en krijgt geen rust.
- Een gebrek aan richting. Volgens Rosa is de drukte op zich nog niet eens het grootste probleem. We zijn niet alleen druk, maar weten eigenlijk ook niet welke kant we op moeten. Er zijn oneindig veel keuzes, maar wie vertelt je wat de goede keuze is? Wat is de zin of de betekenis van je leven? Veel jongeren zijn hiernaar op zoek, maar vinden geen antwoorden.
- Een gebrek aan ontmoeting. De mooiste ervaringen ontstaan wanneer we door iets of iemand écht geraakt worden: muziek, natuur, familie, vrienden, maar juist ook de Bijbel, gebed, de eredienst, door God zelf. We zijn echter vaak zo druk, dat we aan deze echte ontmoeting voorbijlopen. We hebben geen tijd meer om bij iets of iemand stil te staan.
Rust, richting en ontmoeting
Jongeren lijken meer open te staan voor God, geloof en kerk. Dit heeft te maken met de problemen van versnelling die ik hierboven noem. In een tijd van versnelling vinden jongeren in de kerk iets wat ze zó nodig hebben. Als we ons daar bewust van zijn, kan de kerk een plek worden waar jongeren welkom zijn, zich gezien voelen en antwoorden krijgen op hun levensvragen. Juist in de kerk kunnen jongeren iets vinden wat hun gebreken vervult. Iemand die hun gebreken vervult.
- Rust. In de eerste plaats mogen jongeren in de kerk rust vinden. Hoe mooi is het dat er een plek is waar je gewoon mag zijn, waar er genade en vergeving verkondigd wordt. Dat is een broodnodige boodschap in een tijd van prestatiedruk, waarin jongeren het gevoel hebben op allerlei vlakken tekort te schieten. Jezus zegt: ‘Kom naar mij toe, allen die vermoeid en belast zijn, en ik zal u rust geven.’
- Richting. In de tweede plaats vinden jongeren in de kerk richting. Dat noemen jongeren die bij de kerk uitkomen ook expliciet: er zijn duidelijke kaders, rituelen, een traditie waar je van op aan kunt. Er zijn ‘life rules’; regels voor het goede leven. Je leven wordt onderdeel van een groter geheel, waardoor het betekenis krijgt. Daarvoor is het wel nodig dat we jongeren uitdagen. De kerk biedt rust, maar je wordt ook opgeroepen tot navolging. Dat schrikt jongeren niet af, dat hebben ze juist nodig! Jezus zegt ook: ‘Neem Mijn juk op u, en leer van Mij dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart; en u zult rust vinden voor uw ziel; want Mijn juk is zacht en Mijn last is licht.’
- Ontmoeting. De kerk mag ook een plek zijn van ontmoeting. Ontmoeting met God: in de eredienst, in het lezen van de Bijbel, in gebed. Jongeren moeten daarin wel ‘ingewijd’ worden. Wat gebeurt er in de dienst? Hoe lees ik de Bijbel? Hoe bid ik? Jongeren vinden dat lastig. Het is bijvoorbeeld lastig om de tijd te vinden om de Bijbel te lezen; en als dat al lukt, gebeurt er niet zo veel of snappen ze het niet. Ze hebben mensen nodig die hen daarin kunnen voorgaan, meenemen en trainen.
De kerk is ook een plek van ontmoeting met elkaar. Er is veel eenzaamheid onder jongeren. De contacten op sociale media zijn vaak oppervlakkig en vluchtig. Volwassenen hebben het druk en dus geen tijd voor hen. Hoe mooi is het dan dat er een plek is waar jong en oud écht samen zijn. Dat vraagt van de kerk dat er oog is voor jongeren, dat zij gezien worden en dat wij om hen heen gaan staan.
Tot slot
We leven in een uitdagende, ingewikkelde tijd, maar ook in een hoopvolle tijd. De kerk kan een plek zijn waar jongeren, midden in deze tijd, rust, richting en ontmoeting vinden. Dat is een uitdaging, maar wel een uitdaging die we mogen aangaan in vertrouwen op God. Het evangelie is goed nieuws, óók voor de jongere van vandaag!
—–
1Raad voor Volksgezondheid en Samenleving, Op de rem!: Voorbij de hypernerveuze samenleving, 2025, Op de rem! – Voorbij de hypernerveuze samenleving | Raad voor Volksgezondheid en Samenleving.
2Trimbos Instituut en Universiteit Utrecht, Jong na corona: Welzijn van jongeren tussen 2017 en 2022 en inzet van NP Onderwijsmiddelen door scholen, 2023, https://www.trimbos.nl/kennisbank/af2105-jong-na-corona/.
3Zie hierover Kees Boele, Adagio: Een remedie tegen stress onder studenten, KokBoekencentrum Uitgevers, 2025.
4Zie hierover de oratie van Levi van Dam, Eindeloze identiteiten: https://www.levvel-up.nl/publicaties/terugblik-oratie-levi-van-dam-eindeloze-identiteiten.
5Joris Kregting, Fred van Lieburg, Paul Vermeer, God in Nederland 1966-2024, HDC Centre for Religious History, Vrije Universiteit Amsterdam, 2025.
6Zie bijvoorbeeld zijn boek Leven in tijden van versnelling: Een pleidooi voor resonantie, Boom Uitgevers, 2016.
Geschreven door: André Groenendijk